De reden hiervoor is vrij eenvoudig; banken willen zekerheid dat je in staat bent om financiële verplichtingen aan te gaan. Jouw eigen inbreng biedt die zekerheid. Het toont aan dat je kan sparen, over enige financiële discipline beschikt, en risico's spreidt door niet het volledige bedrag te lenen.
Vroeger was het vaak zo dat de banken verwachtten dat je ongeveer 20% van de totale aankoopprijs zelf kon financieren. Tegenwoordig is de markt echter veranderd. De Nationale Bank van België heeft namelijk richtlijnen opgesteld die banken aansporen voorzichtig te zijn met het verstrekken van leningen waarbij de kredietnemer weinig eigen middelen inbrengt. De strengere regels hebben als doel de financiële sector stabiel te houden en te voorkomen dat mensen leningen aangaan die ze niet kunnen terugbetalen.
Toch is het ook vandaag nog mogelijk om een woonlening te krijgen met een kleinere eigen inbreng. Sommige banken staan toe dat je minder dan 20% zelf financiert. In uitzonderlijke gevallen is het zelfs mogelijk om tot 100% van de aankoopprijs te lenen als men overtuigd is van jouw financiële stabiliteit en terugbetalingscapaciteit. Maar dit brengt meestal hogere rentevoeten met zich mee omdat het risico voor de bank toeneemt.
Bovendien moet je er rekening mee houden dat er naast de aankoopprijs nog andere kosten zijn die niet mogen worden onderschat. Denk hierbij aan registratierechten, notariskosten, dossierkosten en mogelijke renovatiekosten. Deze bijkomende kosten zijn vaak niet te financieren via de hypotheek en moeten dus uit eigen zak betaald worden.
Ook de schuldsaldoverzekering, die vaak verplicht is bij het aangaan van een hypotheek, valt hieronder. Het is een verzekering die ervoor zorgt dat, mocht je tijdens de looptijd van de lening komen te overlijden, het resterende saldo van je lening (geheel of gedeeltelijk) wordt terugbetaald door de verzekeraar. Zo blijven je nabestaanden niet achter met een financiële last.
Als potentiële huizenkoper is het daarom cruciaal om een goed overzicht te hebben van je financiën. Je moet weten hoeveel eigen inbreng je kan en wil leveren bij de aankoop van een woning. Om in aanmerking te komen voor een gunstig tarief en goede voorwaarden is het raadzaam om toch te mikken op een eigen inbreng van minstens 10%.
Verder is het slim om te kijken naar overheidsmaatregelen die je kunnen helpen bij de aankoop van een eerste woning. In Vlaanderen bestaat er de Woonbonus die recht geeft op een belastingvermindering voor de intresten en kapitaalaflossingen van de lening voor de aankoop van een eigen woning. Echter, sinds 1 januari 2020 is deze afgeschaft voor nieuwe contracten.
Er bestaan echter alternatieven zoals de verlaagde registratierechten bij de aankoop van de enige eigen woning. Dit kan je al snel duizenden euro's besparen. Daarnaast kunnen bepaalde gemeentes nog extra premies geven voor de aankoop van een eerste eigen woning of voor energiebesparende investeringen.
Het is aangeraden om professioneel advies in te winnen bij een onafhankelijk financieel adviseur of een bankier. Zij kunnen een persoonlijke berekening maken en je begeleiden bij het hele proces van de woonlening. Dit advies zal inhouden welke lening het best past bij jouw situatie, welke vaste of variabele rentevoet het interessantst is en hoeveel je precies kan lenen.
Kortom, je eigen inbreng bij de aankoop van een woning is van groot belang en kan aanzienlijke invloed hebben op de voorwaarden van je woonlening. Een goede voorbereiding, kennis van de bijkomende kosten en bewustzijn van de overheidsmaatregelen zijn noodzakelijk om deze grote stap in je leven succesvol te nemen.